Decembermoorden

Op 7, 8 en 9 december 1982 worden in Fort Zeelandia 15 tegenstanders van het toenmalige militaire regiem in Suriname geëxecuteerd.

Op 1 november 2000, vlak voor de verjaringstermijn, start in Suriname een gerechtelijk vooronderzoek naar de moorden. Uiteindelijk kan op 30 november 2007 het strafproces naar de Decembermoorden beginnen. Speciaal voor dit proces wordt een rechtzaal in Boxel (Domburg) ingericht. Er zijn dan 25 verdachten en tientallen getuigen. Desi Bouterse, toen bevelhebber van het leger, wordt gezien als de hoofdverdachte. In 2012 werd de omstreden amnestiewet  door het  Surinaamse parlement aangenomen en werd het strafproces gestaakt. De amnestiewet werd aangenomen vlak voor het moment van de strafeis.  Nu het Hof van Justitie heeft bepaald dat de zaak moet worden hervat en de amnestiewet als inmenging in een lopende zaak ziet,  zal de krijgsraad op 30 juni 2016 beginnen, waar het was geëindigd, namelijk bij de bekendmaking van de strafeis tegen 21 van de 25 verdachten, waaronder de hoofdverdachte Desi Bouterse.

In dossier Decembermoorden persoonlijke verslagen en achtergronden, maar ook profielen van de slachtoffers en de verdachten.

Slavenschip Leusden

Het vergaan van het slavenschip Leusden is de grootste ramp in de Nederlandse scheepvaartgeschiedenis. Het drama dat zich voltrok op 1 januari 1738, het vastlopen van de Leusden op een zandbank aan de monding van de Marowijnerivier in Suriname, geeft een duidelijk menselijk en tegelijkertijd onmenselijk beeld van de slavernij. Het maakt slavernij tastbaar en invoelbaar. Naar schatting 664 mensen vonden moedwillig de dood omdat de luiken van het ruim werden dichtgespijkerd om ontsnappen onmogelijk te maken. Niet alleen is het de grootste scheepsramp, maar het markeert ook het einde van de trans-Atlantische transporten van gevangen genomen Afrikanen die elders op de wereld tot arbeid werden gedwongen.